Stukjes 2017 recent

90. Stel je hoort alleen maar ruis i.p.v. woorden. Gek?

28 juni 2017 

Grappig is dat het menselijk brein maar heel weinig energie nodig heeft om op volle toeren te kunnen draaien. Niet meer dan de energie die nodig is om een lampje van 60 watt te laten branden. En dat terwijl het brein een elektrisch apparaat is dat al onze gevoelens, gedachten en bewegingen aanstuurt. Via 100 miljarden neuronen, verbonden door 100 triljarden synapsen ontvangt en reguleert het alle prikkels die vanuit de omgeving tot ons komen en creëert het de reacties daarop. Het brein is niet alleen bizar ingewikkeld, maar ook uiterst kwetsbaar. Er hoeven maar een paar celletjes in de neuronenbrij niet goed te functioneren en de transmissie van prikkels gaat mis. Soms volstrekt mis. Daar kun je zelf helemaal niets aan doen. Toch wordt het je vaak kwalijk genomen als een dergelijk defect (opeens) tot deviant gedrag leidt.

Het lijkt alsof de wereld bestaat uit herkenbare voorwerpen, kleuren, geuren en geluiden, die direct toegankelijk voor ons zijn. Maar in werkelijkheid zijn er slechts lichtstralen en geluidsgolven, trillende atomen en bewegende moleculen die ons lichaam allemaal tegelijkertijd bestoken. De hersen zetten al die prikkels om in bekende voorstellingen via een ingewikkeld proces. De lichtgolf met informatie over een object komt het oog binnen, gaat via de neuronen en synapsen naar een gespecialiseerd hersendeel en na een halve seconde ‘zien’ we het object. Zo gaat het ook met geluid, geuren en kleuren. Er is geen ‘ik’ of ‘bewustzijn’ dat daar sturing aan geeft.

In die halve seconde van binnenkomst tot omzetting kan er soms van alles op het traject misgaan. Dan zien we b.v. objecten niet die er wel degelijk zijn, of we zien objecten wel die niet zijn, dan wel we zien totaal andere objecten die niemand anders ziet. In een van zijn boeken beschrijft de psychiater Oliver Sacks het geval van een man die elke deurknop aanzag voor een meisjeshoofd, dat hij ook nog eens ging aaien. De man was verder volstrekt normaal, maar was getroffen door een klein defect in het ‘omzettingsproces’.

Je kunt ook dingen horen die er niet zijn. Geluiden of stemmen. Of je hoort, als iemand een verhaal tegen je afsteekt, alleen maar ruis. Je ziet de lippen bewegen, je hoort geluid, maar de verantwoordelijke neuronen en synapsen zetten de opgevangen geluidsgolven niet om in herkenbare taal. Soms is het een structureel defect en dan heb je een groot probleem. Soms is het een tijdelijk defect, b.v. a.g.v. verminderde concentratie. De hersens zijn dan met andere acties bezig, die zich op dat moment niet verdragen met het omzetten van de geluidsgolven in iets wat begrepen wordt. Niets aan te doen. Die concentratie kun je niet sturen. Dat wordt ‘intern’ geregeld. Maar voor degene die tegen je aan zitten te kleppen, is het natuurlijk wel vervelend.

In de gespecialiseerde breingebieden, waar de zintuigelijke prikkels worden omgezet in iets herkenbaars, worden ook de emoties gevormd. Als de prikkels zijn omgezet in beeld, geluid of geur gaan ze naar de amygdala, die verantwoordelijk is voor het ervaren, verwerken en aansturen van emoties. Hier heb je totaal geen vat op. Gevoelens verdringen wel regelmatig de ratio, maar met rationele gedachten kun je geen emoties verdrijven of oproepen. Je kunt het zelf heel simpel testen. Maar je kunt er ook heel veel over vinden op ‘het net’.

Heel wat mensen zijn van mening dat we een zekere controle hebben over het complexe brein. Dat we bewuste keuzes kunnen maken als het gaat om onze gedachten, gevoelens en bewegingen. Maar dan zou de ‘ik’ al die elektrische en chemische processen die daar verantwoordelijk voor zijn bewust een bepaalde richting op moeten kunnen sturen. Uit veel onderzoek blijkt dat dat een illusie is. Het regelen, beheersen en sturen van ons lichaam is tot op grote hoogte een autonoom proces.

Je zou willen dat je veel preciezer weet wat er nu echt in die bovenkamer gebeurt. Maar vooral ook: waar kun je geen enkele invloed op uitoefenen en moet je maar gelaten en relaxed over je heen laten komen? En waar kun je wel iets aan doen en wat dan? Een puzzel waar ik onderhand wel uit ben.

Ook het gegeven dat je maar weinig meer kan doen dan je lijf en brein een beetje in vorm houden, en vooral veel mazzel hebben, geeft rust.  (jv) 

89. Ingecalculeerd gedonder voor een goede zaak.

27 juni 2017

Lodewijk Asscher heeft iets gedaan wat nooit eerder is gedaan en er behoorlijk wat rumoer mee veroorzaakt. Hij heeft er in zijn rol als oppositieleider voor gepleit om in de rijksbegroting 2018 voorstellen op te nemen voor een eerlijker inkomensverdeling en extra salaris voor leraren in het basisonderwijs. Op zich een legitieme actie. Wordt dit door het kabinet niet geregeld, dan, zo laat Asscher weten, zullen de PvdA-leden in het kabinet niet voor de begroting 2018 tekenen. Een ongebruikelijke move, maar noodzakelijk als je de beide eisen ook serieus neemt. Je loopt nu wel het risico op een kabinetscrisis. Dan zullen de PvdA-ers uit het kabinet moeten treden. Op zich een unicum in geval van een demissionair kabinet. So be it.

Asscher zit in een uitermate ongelukkige situatie. Hij moet in de nieuwe Tweede Kamer twee (soms) strijdige rollen zien te combineren. Die van kersverse oppositieleider van een kleine partij die elke keer weer zo scherp mogelijk moet aangeven waar de ‘nieuwe’ partij voor staat. Maar tevens moet hij als minister een aantal lopende zaken afhandelen, zoals het opstellen van de nieuwe begroting. Je kunt moeilijk van ‘m vragen om zich als oppositieleider gedeisd te houden tot er een nieuw kabinet is. En hier deed zich een kans voor om het ijzer te smeden toen het nog heet was. Wetende dat er gedonder van zou komen. Vanuit PvdA-perspectief is het gedonder voor een goede zaak. Op dit soort issues zal de partij zich vanaf nu moeten profileren.

Het verwijt dat Asscher dan verleden jaar maar had moeten komen met voorstellen om de salarissen te verhogen, is niet valide. Verleden jaar is er namelijk ook al het nodige  gedaan. De leraren hebben toen € 500 mln extra gekregen. Dat was, gezien de toenmalige budgettaire situatie, nog een stevig bedrag, maar onvoldoende om aan de eisen van de leraren tegemoet te komen. Nu de rijksfinanciën er uitstekend voorstaan en de economische groei boven verwachting is, is er alles voor te zeggen om nu wel aan reële wensen van de leraren tegemoet te komen. En dat moet bij deze begroting geregeld worden, anders wordt het pas 2019, met effectuering in 2020.

Wil de PvdA in de oppositie iets voor elkaar krijgen, dan zal ze scherp aan de wind moeten zeilen. En dat geldt zeker op een terrein als inkomen. Het afgelopen decennium is er een steeds groter deel van het nationaal inkomen naar de bedrijfswinsten en aandeelhouders gegaan. Dit ten koste van de lonen. De PvdA moet er nu voor gaan zorgen dat er een veel groter deel van de koek naar de lonen gaat. De lagere en middeninkomens moeten nu ook gaan merken dat het beter met de economie gaat.

Asscher moet zich vanaf nu veel scherper profileren als oppositieleider dan als demissionair minister die geacht wordt om slechts op de winkel te passen. Als je maar negen zetels hebt, zul je een constructieve, intelligente, maar ook een harde oppositie moeten voeren. En dan krijg je soms de wind van voren, zoals nu. Geen probleem. Want “zonder tegenwind kan een vlieger niet opstijgen” luidt een gezegde. (jv)

NB

De helderheid van Asscher is te verkiezen boven het vreemde gedraai van partijen rond de bonuswet. In de nasleep van de bankencrisis in 2008 was iedereen het erover eens: we moesten de banken aan banden leggen, werken aan een veel kleinere bankensector  en af van de bonuscultuur daar. Jeroen Dijsselbloem introduceerde in Nederland in 2013 een zeer strenge bonuswetgeving. Nu, negen jaar na de crisis, is er een krachtige lobby om deze wetgeving terug te draaien. Gevoed vanuit Amsterdam. Het motorblok van VVD, CDA en D66 wil er graag vanaf om zo de bankiers uit de Londense city te verleiden naar Amsterdam te komen. Niet onderbouwd wordt dat bedrijven hier vanwege die bonuswet wegblijven. Dat geldt ook voor het aantal banen dat we zo zouden mislopen. Maar we moeten die bedrijven hier helemaal niet willen. Ze creëren een veel te groot financieel systeem dat bij de eerste de beste crisis als eerste weer in elkaar dondert. En wie moet de schade dan weer opruimen? De overheid. Gistermiddag bleek bij de stemming dat naast VVD, CDA en D66 ook Christen Unie (de ethische partij die altijd mordicus tegen de bonussen was) de strenge regels willen loslaten. Een meerderheid. Partijen met een verdomd slecht geheugen. 

88  Zoals de wind waait, waait m’n vestje?

25 juni 2017

Politiek commentator Hans Goslinga haalde zaterdag in Trouw een mooi statement van een Engelse politicus aan: "Waar je staat, hangt af van waar je zit". Ofwel de opvatting die je op een bepaald moment hebt, wordt bepaald door de positie die je dan hebt. Er zit een behoorlijk cynisch kantje aan deze uitspraak. Het komt dicht in de buurt van het Nederlandse gezegde: "zoals de wind waait, waait m'n vestje". Hierin zit hetzelfde opportunisme als in: “met alle winden meewaaien.” “Where you stand, depends on where you sit” klinkt dan net weer even wat aanvaardbaarder.  Dat zal deels aan de taal liggen, maar toch ook aan het feit dat er een legitieme relatie kan zijn tussen je mening en de positie die je op een bepaald moment bekleedt .

Soms is het lastig om de opportunist te scheiden van de realist. Het kan namelijk uitermate aanvaardbaar zijn om van mening te veranderen. Nieuwe feiten kunnen leiden tot nieuwe inzichten. Maar je kunt ook op basis van dezelfde feiten gewoon tot een andere mening komen. Je kunt ineens ‘het licht zien’  of je hebt je laten overtuigen door de goede argumenten van anderen. Het wordt al wat lastiger als je moet uitleggen dat je nu als minister anders tegen dit vraagstuk aankijkt, dan toen je nog kamerlid was. Maar het kan.

Je moet die andere opvattingen bij positiewisselingen dan wel overtuigend kunnen uitleggen. En je moet het niet te vaak doen. Als het evident een kwestie is van “wiens brood men eet, diens woord men spreekt” dan word je ongeloofwaardig. In die zin is het voor een politicus ook gevaarlijk om je meningen te veel te laten afhangen van de wisselende achterbannen die je wilt pleasen. Je gaat dan een keer voor de bijl.

Bij de lopende formatie was dat ‘goede verhaal’ om verschuivende opvattingen uit te leggen, nog al eens ver te zoeken. Van een goed politicus mag je in ieder geval verwachten dat ie niet alleen consistent overkomt, maar dat ook is. Want dat staat toch voor betrouwbaarheid .

De komende weken zullen we het weer vaak in de media kunnen lezen en horen: toen zei ie dit en nu vindt ie dat. Een maand geleden pleitte hij op het migratiedossier nog voor X en Y en nu gaat hij akkoord met het voorstel Z, dat daar haaks op staat. Ja, maar toen was hij nog fractievoorzitter en nu zit hij in het kabinet. Wat hij vindt, is nu eenmaal afhankelijk van hij waar hij zit. (jv) 

87.  Veelpraters en luisteraars

24  juni 2017

Je hebt mensen die bereid zijn om naar anderen luisteren. En je hebt er die vooral graag zelf praten. Veel praten. Sommigen zijn het liefst zoveel mogelijk aan het woord. Nemen direct het initiatief en geven dat, als het maar even kan, niet meer uit handen. Ze stellen voor de vorm nog wel eens een vraagje, maar in het antwoord zijn ze niet geïnteresseerd. Ze geven het liefst dat antwoord zelf nog. De obsessieve praters: je hebt ze snel in de smiezen. Een speciaal slag

Hoewel geen notoire zwijger, voel ik me toch, als ik moet kiezen, meer thuis in het kamp van de luisteraars, dan in dat van de veelpraters. Ik vind luisteren geen straf. Natuurlijk heb ik ook m’n momenten dat ik evident geklets probleemloos als achtergrondruis kan laten verdampen, maar er zijn veelpraters die wel degelijk mijn interesse wekken. Hen volg ik scherp. Luister aandachtig. Kijk naar hun lichaamstaal. Probeer in hun brein te kruipen. Wat beweegt hen? Vinden ze zelf echt dat ze belangwekkende zaken te melden hebben? En waarom denken ze dat ik geïnteresseerd ben in al hun ditjes en datjes?

Ik denk dat de veelpraters zich dit allemaal in het geheel niet afvragen. Dat maakt hen bijzonder. Ze zitten structureel in hun oreer-modus. Het is niet zozeer dat ze geen enkele oprechte belangstelling hebben voor de luisteraar (dat hebben ze vaak niet), nee, ze zijn er van overtuigd dat zij het interessantste verhaal te vertellen hebben. En willen anderen daarmee een plezier doen.

Ze missen daarbij vaak helaas ook nog eens elke vorm van zelfreflectie. Zijn niet in staat om door de ogen en oren van de luisteraar de impact van hun eigen gepraat te doordenken. "Hoe zou wat ik zeg bij de ander indalen? Daalt het überhaupt in?" Die vragen zijn meestal diverse bruggen te ver voor de veelprater. Laat staan dat het antwoord hen interesseert. Ze weten niet waar we het over hebben. Maar what’s the problem?

Ik vind de veelprater een interessant psychisch verschijnsel. Het geeft mij een dieper inzicht in de drijfveren van mensen. En trouwens: zonder sociaal geklets wordt het leven wel erg saai. Je kunt het niet altijd over politiek of economie hebben. Ik geef ze dus geen moment het gevoel dat het me niet interesseert. In tegendeel. Ik probeer er achter te komen waarom ze me al die dingen vertellen. Vraag door. Diep uit. Geef feedback. Buig mee. Treur mee. Net zo lang tot de prater is uitgeput of zijn hele repertoire heeft afgewerkt. Meestal is het dan ook weer tijd om op te stappen. 

Volgens mij worden de luisteraars en vragers veel wijzer van dergelijke gesprekken dan de veelpraters. En zo niet, dan schrijf je er toch een stukje over. (jv) 

86  George Clooney en Barack Obama. Gunnen of blamen?

23 juni 2017

George Clooney zette, volgens een berichtje in de Volkskrant van 22 juni, 4 jaar geleden met twee vrienden een Tequila-bedrijfje op: Casamiga’s. Gewoon, als een leuke hobby. Met minimale investeringen. Het werd ‘vermarkt’  als Tequila waar je geen kater van krijgt. Wie wil dat niet drinken? En als Cloony himself dat aanbeveelt, geloven veel drinkers dat katersprookje. Het bedrijfje werd dus snel een bedrijf en Casamiga’s werd een brand.

Nu is Casamiga’s recent verkocht voor € 627 miljoen!!!! In de VK staat er vervolgens: ”Clooney en Gerber ontvangen ieder een derde van de koopsom. De rest gaat naar zakenpartner Meldman.” Grappige formulering. De rest? Als je 2/3 al hebt verdeeld, hoeveel blijft er dan nog over? Ja, 1/3. Dus waarom staat er dan niet simpel dat de drie zakenpartners elk 1/3 van € 627 krijgen? Heb er toch nog wel even over na zitten denken. Mis ik iets?

Maar los van deze rekenarij: de duivel schijt bij megaverdiener Clooney wel erg op een grote hoop. Zelfs aan een hobby houdt ie nog ruim € 200 miljoen over. Maar iedereen gunt ’m dat, begrijp ik uit de reacties.  

Terwijl Obama de wind van voren krijgt als hij van het Wall Street bedrijf Canor Fitzgerald € 350.000 krijgt voor een speech. Rukt ie Wall Street eindelijk eens een poot uit en dan krijgt hij daar ook weer gezeik over. Hij had een miljoen moeten vragen. Of twee. Hij heeft die graaiende klojo’s nota bene van de ondergang gered toen hij net president werd en een financiële meltdown moest voorkomen.

Clooney steek al z’n inkomsten in z’n eigen klep. De inkomsten die Obama verwerft met zijn optredens gaan naar de stichting waarmee de bouw van de Obama-bibliotheek wordt gefinancierd. Het is een mooie gewoonte in de VS. Ex-presidenten zijn na hun presidentschap actief met fund raising voor een imposante bibliotheek die hun naam draagt.

Obama verzamelt de fondsen voor een bibliotheek die wordt gebouwd in de South Side van Chicago. Het is een wijk die veel last heeft van drugshandel, criminaliteit en vechtspartijen tussen bendes. De verwachting is dat er daar met de bibliotheek ongeveer 2000 banen worden gecreëerd en dat de wijk door deze investering van Obama een ontwikkelings-impuls krijgt. Obama, die hier nog steeds een huis heeft, gaat ook weer in Chicago wonen.

Ik zie Clooney, die 100 x meer voor zijn optredens krijgt dan Obama (alleen de onbenullige koffie-reclame van 1 minuut levert hem al € 40 miljoen op)  niet snel zijn geld inzetten op de ontwikkeling van een arme wijk. George investeert, heel lucratief, in drank, Nespresso en zichzelf. (jv) 

85.  Angst voor aanslagen: perceptie en emotie

20 juni 2017

Steeds meer Nederlanders, en andere Europeanen, zijn bang voor terreuraanslagen. Terwijl de kans om in Nederland getroffen te worden door een aanslag bijna nul is en in andere landen van Europa kleiner dan de kans om met een vliegtuig neer te storten. En die kans is al mega klein. In ons land is er de afgelopen13 jaar niemand door een terreurdaad getroffen en daarvoor waren er slechts 2 dodelijke aanslagen. 

In de NRC van verleden week donderdag memoreert Luuk Koel dat er in Groot Brittannië dit jaar sprake was van een extreme uitschieter: tot dusver 34 mensen gedood door aanslagen. Maar er stierven daar in dezelfde periode 70.000 mensen aan longkanker. Zijn stelling is dat we ons veel te bang laten maken door terroristen, hen teveel aandacht geven en hen daardoor in de kaart spelen. Terwijl “zij nog geen deuk in pakje boter kunnen schieten”. Want in absolute termen stelt het aantal slachtoffers dat zij maken bitter weinig voor vergeleken bij het aantal sterfgevallen als gevolg van andere doodsoorzaken. Sterfgevallen waarvan er heel veel vermijdbaar zijn, waar we heel weinig aan doen om ze te voorkomen, maar waarvan de bizar grote aantallen ons blijkbaar nauwelijks opwinden. Want we worden bepaald niet collectief angstig of boos over die vele duizenden vermijdbare verkeersdoden. Maar fokken ons wel op over die paar terreurdoden. 

In 2015 stierven er ongeveer 150.000 Nederlanders. Hiervan nul a.g.v. een terreuraanslag, maar 45.000 aan kanker, 40.000 aan hart- en vaatziekten, 16.000 aan longziekten en 7.000 aan niet-natuurlijke oorzaken: zelfdoding, verkeersongevallen en valpartijen.

Door niet te roken, gezonder te eten, meer te bewegen, voorzichtiger te zijn in het verkeer en minder zelfmoord te plegen, kunnen er tienduizenden !!! mensen per jaar minder sterven. Waarom doen we hier dan zo weinig aan? Waarom maken we ons nauwelijks druk om die grote aantallen? Maar waarom eisen we wel steeds meer repressie om terreur aan te pakken, terwijl die zo weinig slachtoffers maakt? 

Premier May wil zelfs de mensenrechten inperken “want die mogen de terreurbestrijding niet dwarszitten”, aldus May. Stevige taal om de publieke opinie te paaien en gerust te stellen. Natuurlijk moet er alles aan worden gedaan om terreuraanslagen te voorkomen, maar wel een beetje proportioneel graag. Het is wat onlogisch om  de rechtstaat te gaan aftuigen om 'm tegen terroristen te beschermen. We verbieden toch ook het roken niet terwijl het alleen al in Nederland jaarlijks 20.000 sterfgevallen tot gevolg heeft.

Het kan toch niemand ontgaan dat hij/zij nauwelijks kans loopt om door een aanslag te worden getroffen? Feiten. Maar het gaat niet om de feiten. Bij angst draait het om beelden, perceptie en emotie. Angst wordt gecreëerd. Met dank aan de opklopjournalistiek. Koel noemt het tranentrekkersjournalistiek.

Terreurslachtoffers 'verkopen' goed, stervende rokers niet. Bij de ene groep kunnen we daders aanwijzen. Bij de andere groep zijn we het zelf. (jv) 

84  What....if? Wat als we niets doen?

19 juni 2017 

Als 'onze' militairen omkomen bij buitenlandse missies ligt het mensen met snelle oplossingen voor ingewikkelde problemen op lippen bestorven: "we moeten ons zo snel mogelijk terugtrekken uit die zinloze oorlog". Zinloos? Wat is zinloos? En wat zijn de gevolgen van het hazenpad kiezen? Wordt het daar dan beter of slechter? Misschien is het slimmer om het doel van zo'n missie en de mogelijke baten en offers af te wegen tegen de gevolgen van weggaan en niets doen. What…. if?

Los van de geopolitieke overwegingen: voor nabestaanden is er niets zo erg als pacifisten die beweren dat soldaten voor niets zijn gestorven in een zinloos conflict. Nabestaanden weten, en willen bevestigd horen, dat hun zonen, dochters, vaders en moeders zijn gestorven in een missie waarmee zij een rechtvaardig doel dienden. Een doel waarmee zij het verschil wilden maken. Waarmee zij de bevolking wilden helpen en de regio wilden stabiliseren om de overgang naar een meer leefbare situatie mogelijk te maken. Wetende dat dat heel veel jaren zou duren en zeer moeizaam zou gaan. Twee stappen vooruit en één achteruit. Met het risico gewond of gedood te worden. Toch gingen ze.

Deze discussie is nog steeds erg actueel voor Afghanistan. Westerse interventie werd toenmaals door de hele beschaafde wereld gesteund. Het heeft de problemen daar nog lang niet opgelost, maar er is wel al heel wat bereikt. Vooral voor vrouwen, kinderen en minderheden. Met vallen en opstaan kon er iets van een legitiem centraal gezag worden opgebouwd. De Taliban werd naar de uithoeken van het land verdreven, maar bleef wel aanslagen plegen. Toen Obama uit politiek opportunisme besloot de VS-militairen terug te trekken, kreeg de Taliban weer meer ruimte voor destabiliserende acties en aanslagen. En nu gaat land weer snel de verkeerde kant op. Want elk machtsvacuüm wordt opgevuld. Vaak door boze krachten. Het verhaal is dat we minsten een jaar of 25 bereid moeten zijn om het legitieme gezag tegen de Taliban te ondersteunen. "What….. if" we dat niet doen?

De kosten zullen hoog zijn. De Taliban zal steeds meer gebied veroveren. De strijd zal extreem escaleren. Vrouwen en meisjes zullen weer worden onderdrukt en niet naar school mogen. De economie zal achteruit hollen. Het land zakt terug naar de Middeleeuwen. Miljoenen vluchtelingen zullen richting Europa komen. Meer aanslagen. Ook hier in Europa. We zullen ze niet tegen kunnen houden. De hoge kosten hiervan kun je berekenen. Ze zullen veel hoger zijn dat de combinatie van lang volgehouden militaire, diplomatieke en opbouw acties daar. 

Onze militairen daar weghalen betekent dus niet dat we niets meer van het land zullen merken. In tegendeel: Afghanistan wordt Talibanstan. Voor de Afghanen en de rest van de regio een ramp. En voor Europa een megabedreiging. Wat voor Afghanistan geldt, geldt mutatis mutandis ook voor andere brandhaarden in de wereld. Ook voor het Midden-Oosten en Afrika. 

Ons als Westen proberen te distantiëren van die brandhaarden is dus geen optie. Een illusie. We zitten er gewoon aan vast in deze globale wereld waarin alles met alles samenhangt. Daar weglopen omdat we tegen geweld zijn, zal leiden tot extreem veel meer geweld. Daar en uiteindelijk ook hier. Lange termijn missies, inclusief onze bijdragen in de opbouw van de staat, het recht en de economie kunnen bijdragen aan vermindering van geweld.  (jv) 

83.  De katholieke maffia weert homo's. 

18 juni 2017 

"Bisschop Den Bosch gelast speciale Roze Zaterdagviering met homoseksuelen af" stond er boven een artikel in de Volkskrant van donderdag 15 juni jl.

Bijna altijd sla ik artikelen met zo'n kop automatisch over. De combinatie 'katholiek' en 'homo' vind ik bij voorbaat volstrekt oninteressant. En als ik zo'n artikel per ongeluk toch lees en het gaat al ergens over, is de inhoud vaak misdadig of ranzig. Over het verbieden van condooms in Afrika ter voorkoming van aids en kinderen. Of over priesters die niet van kinderpiemels af konden blijven en slachtoffers die daar 60 jaar later nog mee naar buiten komen en onder lijden. Eerst wordt het altijd ontkend en als dat niet meer lukt, wordt het afgedaan als een 'incident'. Katholieken dus.

Als ik 'katholieke kerk' lees of hoor zijn mijn eerste associaties altijd: 'maffia', 'ontucht', 'pedofilie', 'stiekem', 'onbetrouwbaar', 'hypocrisie', 'niet slim maar wel geslepen' en 'hardvochtig'. En pas na deze reeks wil ik best erkennen dat er ook heus wel een paar 'goeien' tussen zullen lopen. Als je goed zoekt.

Maar over 'goeie' katholieken ging het VK-stukje niet. Natuurlijk niet. Het ging over bisschop Gerard de Korte van Den Bosch. Die had een geplande oecumenische viering met homoseksuelen in de Sint Janskathedraal afgelast. De als progressief (!!!???) bekend staande GdK was gezwicht voor de protesten van conservatieve priesters en parochianen. Die waren stijf tegen een dienst met homo's. "Homoseksualiteit blijft binnen onze kerk een open zenuw" schreef GdK  in een brief aan zijn 'broeders en zusters'. Maar in plaats van eens even lekker in die open zenuw te gaan peuren, trok ie z'n progressieve keutel snel in. Bang voor een meute katholieke engerds, die de bisschop er graag bij wilde houden. Want er komen al zo weinig kerkgangers. Jammer voor die homo's. 

Je vraagt je om te beginnen af waarom die homo's zo graag bij zo'n vreselijke kerk willen horen. Je wordt toch geen lid van een louche gezelschap dat mensen met jouw geaardheid inferieur vindt, dat vunzige praktijken van haar pedofiele lidmaten stijf onder de pet wil houden en dat altijd de kant van de macht en van conservatieven kiest. 

Maar wat uit dit VK-artikeltje vooral weer eens duidelijk blijkt, is hoe bekrompen de doorsnee katholieken zijn en, als puntje bij paaltje komt, hoe laf die voormannen met hun uitgestreken papenkoppies. (jv)

82. De pil van Drion: een mensenrecht

17 juni 2017 

Oké, dood gaan is natuurlijk een dingetje. Als het ineens 'paf af' is: no problem. Geen beter einde dan in een split second geluidloos wegmuizen. Liever zo, dan zo'n geplande euthanasie met al die verstandige, goed doordachte tussenstapjes, verhoren door scanartsen en invoelende gesprekken met stervensbegeleiders. Allemaal uitmondend in een laatste spuitje met treurende types om je heen. Ongemakkelijke emoties. Zo'n einde is overigens weer te prefereren boven langzaam wegkwijnen in een verpleeghuis. Met een brein dat langzaam of snel zo verkruimelt dat je niet meer kunt lezen, denken en praten. En ook niet meer zelfstandig kunt douchen, eten, poepen en pissen. Ja, erg leuk allemaal. En zo menselijk ook. 🖕Hoezo, het hoort er nu eenmaal  bij? 

De christenmens vindt het zo uitdoven van wat eens een spiritueel leven was en het verliezen van alle decorum een 'genade van god', waar de mens zelf geen einde aan mag maken wanneer hem dat goeddunkt. Wie dit serieus meent, is gevaarlijk. Het is een nachtmerrie. Ook als je in zo'n verpleeghuis de best denkbare zorg krijgt.

Maar volgens al die jokers die zich verzetten tegen de pil van Drion, moeten we die verpleeghuisellende berustend doorstaan. We moeten het leven volledig uitleven. Creperen dus. Daarom heb ik zo'n hekel aan die religieuze zotten die voor ons in de TK beslissen dat de pil om er zelf een eind aan te maken, er niet mag komen. Ze zijn goedbedoelend dom of onwetend slecht.  Ze willen liever dat we als een vegeterende mens pijnlijk en heel langzaam aan ons einde komen, dan dat we er op tijd zelf een einde aan kunnen maken. Met als belangrijkste argumenten: 'god verbiedt dat je zelf een einde aan je leven maakt' en 'de pil van Drion kan tot misbruik leiden.' 

Van het eerste argument kan ik alleen maar zeggen: te stompzinnig om serieus op te reageren. Een beroep doen op iets dat niet bestaat met argumenten die nooit gecheckt kunnen worden. Het tweede argument snijdt wel hout. Maar daar kun je met wetten en controle veel aan doen. En indien dat ontoereikend is: jammer dan. Liever nog door een vals familielid tegen m'n zin de pil ingepropt krijgen, dan wegkwijnen in een o zo humaan verpleeghuis. 

Kortom: het recht op de pil van Drion moet gewoon in de Grondwet worden opgenomen. Zo snel mogelijk. Dus in ieder geval een vette streep door een kabinet  met de CU. En dan zal het nog jaren duren voor het netjes geregeld is. Tot het zover is zullen we ons moeten behelpen met risicovolle producten via het internet.  (jv) 

81.   14 dagen weg. Wat vond de kat er van?

Villa Aliki. Donderdag 15 juni 2017. 8.00 uur. Warm. Heet al bijna. Stil. Nog even vanuit 'ons' huis uitkijken over het dorp, de zee en de vallei. We wachten in villa Bay View 3, te Mirtos, op de taxi die ons naar de luchthaven in Heraklion zal rijden. Wieder nach hause. 

Al vijf jaar achtereen brengen we 14 dagen per jaar door op het complex Villa Aliki. En elk jaar weer dezelfde rituelen die niet gaan vervelen. Vooral ook vanwege de relaxte ambiance. De rituelen worden niet direct gekenmerkt door spanning en sensatie. Het zijn routines waar je je aan gaat hechten: ontbijten, tocht uitstippelen, met de rugzak op pad, omgeving scannen, lezen, muziek luisteren, naar het dorpje, drankje aan het strand, zwemmen, boodschappen doen, aperitieven op eigen terras, mijmeren met uitzicht op zee, bord met lekkere hapjes, wijntje, Retsina, rusten, DVD-tje kijken en de bedstee in. Rituelen waarvan je wel na 14 dagen denk "shit, weer naar huis, jammer, maar misschien ook niet verkeerd, weer even iets geheel anders". Maar het zijn ook rituelen waar je zo rond de jaarwisseling weer sterk naar terug verlangt. En dan boeken we weer. 

De ambiance die 1 op 1 bij die rituelen hoort, wordt gevormd door de uitzichten, de zee, de warmte, de rust, 'ons' huis, het café, het strand, het restaurant, de kruideniers, het dorpje, de Grieken, de geiten, de olijfboomgaarden, de bergen en natuurlijk en vooral het gebied als totaalervaring, waar  je eindeloos door heen kunt dolen. Waarin je tochten kunt maken die je nergens anders kunt maken. Geen mooie ansichtkaartenlandschappen (bijna kitch) zoals in Zwitserland of Oostenrijk. Maar ruige, moeilijke landschappen waar je aan moet wennen.

De taxi is zowaar een half uur te vroeg. Onze laatste excursie start. Duurt ca 80 minuten. Zonder verplicht gebabbel van de driver. Zou alleen maar afleiden. De beelden volstaan. Een prachtige rit dwars door het Kretenzer hooggebergte. Uitstekende wegen. 

11.00. De luchthaven van Heraklion. Lange rijen voor de vele balies, maar wij zijn, met dank aan de taxichauffeur, de eersten in de Tui-rij. Wat eigenlijk nog geen rij mag heten. Zo 'op tijd' waren we. Soepeltjes door de  controles. En dan begint het wachten. Nog ruim 2 uur voor de  take-off.  Rondrennend grondpersoneel met lichtgroene hesjes schreeuwen hard en vaak Griekse woorden in hun krakende walkietalkies. Een kakofonie van geluiden. Dwars door elkaar heen. Zouden ze elkaar echt verstaan of doen alsof? Ogenschijnlijke chaos. Zoals dat hier hoort. Maar wel een georganiseerde chaos. Uiteindelijk komt alles bijna altijd goed. Ze laten zich moeilijk echt opfokken, die Grieken. Het volkje is doorgaans opgewonden, relaxed en aardig tegelijk. 

Het is op HERAKLION AIRPORT in alle opzichten totaal anders dan op SCHIPHOL. Maar ik  vind de wat rommelige ambiance hier veel aantrekkelijker, menselijker en gezelliger, dan het imposante, zakelijke, koude en efficiënte Schiphol. Overigens slaan wij op onze Kreta-reizen Schiphol gelukkig altijd over. Wij vliegen, met een tussenlanding in Eindhoven, vanuit en naar Luchthaven Eelde. Alles simpel daar. Kleinschalig. Groningse knauwpraat. Een kort bagagebandje. Makkelijk te vinden ook, want er is er maar 1. Snelle afhandeling. Je stapt uit het vliegtuig. En de koffers liggen binnen een minuut of 10 op de band. In no time sta je buiten bij je taxi. Slechts 25 minuten nadat we uit het vliegtuig waren gestapt, waren we thuis. Met de koffers. 

Slechts 14 dagen weggeweest. Het is snel gegaan. Of de Siamees daar ook zo over denkt, is moeilijk te zeggen. Hij is gewend om, wanneer hem dat uitkomt, de hele dag menselijk contact te zoeken. En dan ineens is er 14 dagen lang niemand om op te zitten, op te liggen of tegen aan te mauwen. Alleen  2x per dag even een paar minuten de dames van de poezenbrigade om zijn etensbakje te vullen. Hoe ervaart hij dat? Heeft ie het überhaupt door? Heeft ie een zodanig tijdsbesef dat ie na twee dagen denkt: "waar blijven die 2 klojo's die hier normaal de hele dag zijn?" Of maakt het 'm allemaal geen reet uit, als het bakje maar gevuld is?  We zullen het nooit weten want hij laat zich er nooit over uit. 

Als we donderdag rond 18.15 de sleutel in de deur steken, horen we z'n klagend gemiauw al. Maar als we de deur open doen om 'm te begroeten, loopt ie knorrig miauwend langs ons heen naar buiten. Geen spontane begroeting met kwispelende staart waarmee honden je sentimenteel kunnen maken. Nee, dit type speert zonder ons de gewengste aandacht te schenken langs ons heen de tuin in. Waar hebben wij ons nu 14 dagen zorgen over gemaakt? "O, wat sneu voor die kat. Dat ie zo alleen is. Wat zal ie ons missen". Forget it. Menselijke projectie.

Maar na een paar minuten komt ie weer binnen. Alsof er niets gebeurd is. En dan gaat ie los. Heen en weer rennend. Trap op, trap af. Naar buiten, naar binnen. Luid aandacht vragend. Hij laat zich vallen. En stuift weer weg. En een uurtje later.....Alles is weer zoals het 14 dagen geleden was. Drie gewoontedieren, die elkaar niets kwalijk nemen. Het schept een band. (jv) 

80.   Parlementair werk doodzonde? 

15 juni 2017

Dat de briljante wiskundige Cedric Villani in het Franse parlement is gekozen vindt Martijn van Calmthout zaterdag in Sir Edmund van de VK  "doodzonde".  Hij verwacht dat Villani zich vier jaar "kapot zal vervelen". Toch vreemd. Zo intelligent en dan niet weten wat je in een parlement mag verwachten? Zou hij daar echt niet over nagedacht hebben? Of kijkt Villani misschien toch wat positiever naar de politiek en het parlement dan van Calmthout?

In het stukje krijgt ook Ronald Plasterk nog een sneer omdat ie het als minister gewaagd heeft om de concurrentie tussen wetenschappers te stimuleren. Volgens van Calmthout hoeft Plasterk er daarom niet op te rekenen dat hij nog ooit naar de wetenschap kan terug keren. Als hij dat al zou willen. Maar zouden wetenschappers echt zo rancuneus zijn?

Het voorbeeld van Plasterk laat wel mooi laat zien, dat een briljante wetenschapper nog niet direct een briljante politicus hoeft te worden. Politiek is een complex vak. Politieke processen zijn vaak erg ingewikkeld. Je moet hard werken en over een aantal specifieke vaardigheden beschikken om in de politiek te slagen. Villani hoeft zich dus helemaal niet te vervelen. Hij moet gewoon hard werken om het ambacht onder de knie te krijgen en er dan goede wetten doorheen loodsen. Het getuigt van dedain om dat "doodzonde" te vinden.(jv)

79. Zinvolle en zinloze vragen.

14 juni 2017

Lopend over een Grieks eiland met grillige geologische landschappen ontkom je bijna niet aan de vraag hoe deze vaak wonderlijk patronen zich hebben gevormd. Zinvolle vraag, lijkt me, waarop een goed onderbouwd antwoord mogelijk is. 

Er is namelijk veel interessant en goed empirisch onderzoek gedaan om dit soort vragen te kunnen beantwoorden: onderzeese vulkanische uitbarstingen spuiten vloeibaar magma omhoog, een deel van dit magma stolt boven de zeespiegel tot basalt, daar komen door nieuwe uitbarstingen steeds weer nieuwe lagen basalt boven op, aardbevingen zorgen er voor dat die lagen schots en scheef over elkaar heen komen te liggen, de zee gaat er regelmatig overheen en zet sedimenten af, waarna erosie door wind en water allerlei grillige patronen in de steenmassa's slijpt en schuurt. Zo ontstaan deze landschappen. Op elke plaats door een specifieke combinatie van vormende krachten weer andere patronen. 

Maar vanmorgen kwam er al lopende uit mijn redelijk verweekte hersens, zomaar vanuit het niets, en bepaald niet voor eerste keer, de vraag naar boven: is de vraag naar het begin van alles ook een zinvolle vraag?

Alles vanaf de oerknal is vrij simpel te volgen, zeker als je wat achterademig bent vanwege het naar boven sjokken, maar de problemen beginnen dan pas, als je doorvraagt. Want wat was er voor de oerknal? Iets? Maar wat dan? Of was er niets? En is dat logisch, want kan er iets ontstaan vanuit niets? Of is er altijd 'iets' geweest'? Maar ook dat lijkt me gevoelsmatig niet heel erg waarschijnlijk. 'Iets' heeft toch altijd een begin? En zo blijf je al steunend maar doorvragen. De ene helft van het brein stelt de vragen, de andere helft moet kreunend toegeven de antwoorden niet paraat te hebben. Het kraakt. Overal. 

Ik heb niet de illusie dat ik in mijn leven nog relevante antwoorden op al deze vragen krijg. Ik betwijfel zelfs of de antwoorden ooit zijn te geven. Ja, filosofisch kunnen we er eindeloos over mijmeren en er zullen vast ook wiskundig razend ingewikkelde simulatiemodellen bedacht worden waarmee we een eind kunnen komen. Maar bevredigende empirische onderbouwingen? Ik zie het er nooit van komen. De vraag naar het begin en of er wel of niet een begin van 'iets' was, zal altijd alleen maar speculatieve antwoorden opleveren. Of ben ik nu te somber? Dat moet wel want de meest briljante wetenschappers graven zich dagelijks diep in dit soort vragen in. En komen tot inzichten (en wiskundige formules) waar je duizelig van wordt. En waarmee ze andere briljante vogels tot euforie kunnen brengen. 

Maar ik blijf toch malen over het fenomeen zinvolle vragen. Wat moet je met vragen waarop misschien nooit een wetenschappelijk robuust antwoord komt? Zijn dat nog wel relevante vragen? Of ligt zo'n vraag in hetzelfde domein als de vraag naar het bestaan van een god en naar de zin van het leven? Dat lijkt me bepaald niet. De vraag naar de oorsprong van het heelal lijkt me zinvol en wetenschappelijk erg relevant. En kan ook wetenschappelijk onderzocht worden. De vraag naar het bestaan van een god is een volstrekt zinloze omdat die niet wetenschappelijk onderzocht kan worden. En voorzover dat wel is geprobeerd, is de hypothese "god bestaat" in alle serieuze onderzoeken verworpen.

Ik blijf maar vasthouden aan het uitgangspunt dat vragen waar je geen zinvol antwoord op kunt geven omdat ze niet onderzoekbaar zijn, ook geen zinvolle vragen zijn. Maar zinloze vragen kunnen nog best interessant zijn. En of ze zinloos zijn, blijkt baak pas achteraf, na bestudering.

Laatste tocht hier in Mirtos. Vakantietje zit er al weer op. De zinloze, maar toch ook interessante vragen zullen ook in Groningen wel blijven oppoppen.  (jv)

78.   Klaver : onervaren in het machtsspel en te gehecht aan schone handen

3 juni 2017 

Als je met 12% van het aantal kamerzetels denkt het spel te kunnen bepalen, ben je naïef. Je mag best je eisen stellen, maar moet wel weten op welke momenten je met welke zetten je belangrijkste punten kunt binnen halen. Hij had een paar sterke troeven, maar wist ze niet uit te spelen. In tegendeel: hij heeft nu z'n goodwill bij andere partijen zodanig verspeeld, dat ik me afvraag of ie de komende vier jaar nog wel iets voor elkaar kan krijgen.

Twee dagen geleden dacht ik nog dat Jesse Klaver over strategische gaven beschikte. Maar op basis van wat er nu bekend is geworden over het afbreken van de formatiepoging met GroenLinks ga ik aan deze inschatting twijfelen. En is ie eerlijk? De leiders van VVD, CDA en D66 zeggen dat Klaver twee maal akkoord is gegaan met een gezamenlijke tekst over migratie, maar daar later op terug kwam. Klaver ontkent dit. Ik ben geneigd hier de andere drie en HTW te geloven. 

Wat betreft zijn strategisch inzicht: daar heb ik geen hoge pet meer van op. Zo dicht bij regeren komen en het dan op deze wijze op het onderwerp migratie laten afketsen!!? Volgens HTW was het, vergeleken bij de vele belangrijke punten die ook ter tafel lagen, een mineur punt en voldeed het voorliggende tekstvoorstel een alle eisen van het vluchtelingenverdrag. Alle beschaafde partijen in Europa zouden er mee akkoord zijn gegaan volgens direct betrokkenen. GL wees het niet alleen af, maar kwam ook nog eens met aanvullende eisen inzake het aantal op te nemen vluchtelingen. Terugonderhandelen dus.

De inzet van GL op migratie klonk mij sympathiek in de oren, maar voor zulk een humane opvang van vluchtelingen is in Nederland en Europa helaas geen groot draagvlak onder de bevolking. Dan moet je genoegen nemen met een second best, maar nog steeds 'een beetje' beschaafd, voorstel. Jesse wilde dit dus eerst wel, maar bij nader inzien blijkbaar niet. Schone handen houden bleek toch belangrijker dan een compromis dat niet helemaal 'fout' was. Onder druk van de fractie waarschijnlijk. Klaver miste de moed die Samsom in 2012 en daarna wel had. En daarom verdient hij het niet om mee te regeren. Nu gaat hij net  als de SP altijd vier jaar lang machteloos "tegen" roepen. Zonde van al die stemmen op GL. 

De voormannen van VVD, CDA en zelfs D66 begrijpen Klaver niet meer. En willen 'm niet meer. Over en uit voor Klaver. Kansen gemist. Toch nog niet die Obama die hij in zichzelf zag. En ook nog lang geen Macron. Met 12% van het electoraat is ie nu gedwongen om vier jaar lang vrijblijvend voorstellen in te dienen waar never nooit een meerderheid voor te krijgen is. Frusterend. Zeker als je regeringsdeelname, en dus belangrijke dingen realiseren, voor het grijpen had. (jv)

 

76. Het geloof in politici verloren? Nee, wel in de kiezer.

11 juni 2017 

De een gelooft dat god de mens heeft gemaakt, de ander dat de mens god heeft gemaakt. Voor het eerste is er geen enkel logisch-consistent empirisch bewijs, voor het tweede zijn meer argumenten beschikbaar dan er in een lifte-time zijn te weerleggen. Maar maakt het wat uit? Nee natuurlijk. De gelovigen hebben geen behoefte aan feiten. Veel niet-gelovigen trouwens ook niet. En dat zien we elke keer weer terug in de politiek, vooral bij verkiezingen. 

Het gaat er bij burgers/kiezers steeds minder om 'wie kan de lastige problemen echt oplossen?' maar veel meer om 'wie belooft het meest?', 'wie bedenkt de best in de markt liggende zondebokken?' en 'wie heeft de makkelijkste nep-oplossingen?'. De ongeduldige, bange, boze en verongelijkte burgers denken precies te weten wie er schuldig zijn aan 'alle ellende' en willen weer terug naar vroeger, toen alles beter was. En zo hebben ze op 15 maart ook gekozen. Vooral rechts, conservatief, christelijk, obstinaat, extreem en Roos-achtig dom. En de serieuze politici moeten het nu maar uitzoeken. 

Maar hoewel de Tweede Kamer nu dus stijf rechts is, is er nauwelijks een kabinet te vormen. Omdat er teveel 'eng rechts' plus enkele clowns in de TK zit waar zelfs normaal rechts niet mee in zee wil gaan. Dus moeten  VVD en CDA een grote middenpartij, lees D66, zo gek zien te krijgen dat ze mee wil doen. Die wil wel instappen, maar alleen als er ook nog een linkse partij mee doet.

Logisch, want de meest progressieve partij in de nieuwe coalitie zal bij de volgende verkiezingen hard worden afgestraft. Dat zijn nu eenmaal onze politieke wetten. D66 wil die rol niet spelen. Daar had ze GroenLinks voor op het oog. Maar die partij stapt alleen in als ze iets kunnen binnen slepen, wat door iedereen, en vooral haar leden, als een grote trofee wordt gezien. Een zodanige trofee dat gelegitimeerd en uitgelegd kan worden dat er ook verantwoordelijkheid moet worden genomen voor een aantal 'rechtse' maatregelen die haar achterban niet ziet zitten.

Tot dusver zijn VVD en CDA niet bereid om GL zo'n trofee te geven. Dus doet GL niet mee. En dus komt er geen meerderheidskabinet. Want de PVV blijft besmet en D66 zal de CU nu niet ineens aanvaardbaar vinden. En de PvdA houdt voorlopig het rugje nog recht. !!?? Of wordt het die partij over enige tijd zo aantrekkelijk gemaakt mee te doen, dat ze echt niet kunnnen weigeren? De redders des vaderlands. 

Maar als dat laatste niet gebeurt, komt een minderheidskabinet wel heel dichtbij. Dat wordt dan wel een  moetje c.q een couveusekindje dat slechts een paar maanden zal leven om de stap naar nieuwe verkiezingen te kunnen legitimeren. 

Een ander mogelijk scenario is nog: diverse 'gezaghebbende types' binnen CDA, VVD en werkgeversorganisaties gaan de komende weken via de media de druk zover opvoeren dat het conservatieve blok concessies moet gaat doen die GL over de streep trekken. GL moet dan beseffen dat ze weliswaar medeverantwoordelijk worden voor onsympathieke maatregelen, maar dat zonder hen het beleid nog rechtser zal uitpakken. En daar bovenop krijgen ze dan nog een mooie bonus in Bv het energiedossier. Win-win. 

Dus, groene mensen, nu gaan jullie ook eens vuile handen maken en mooie GL-dingen voor elkaar krijgen. Wel in het besef natuurlijk dat je daar dan over vier jaar electoraal voor afgestraft wordt. Je moet wel iets voor de goede zaak over hebben. Maar ik vrees dat de moed die de PvdA had, bij de  GL achterban níet aanwezig zal blijken. Ze gaan gaan vast breken op een migratie-ding dat heel moeilijk is uit te leggen. 

Ja, het gaat inderdaad moeizamer dan in 2012. Veel kiezers en politieke duiders zeggen daardoor hun geloof in politici te hebben verloren. Een bixarrevreactie. Ik zelf heb al enige tijd vooral mijn geloof in de kiezer verloren. Door zo massaal te kiezen voor partijen die geen serieuze oplossingen voor serieuze problemen hebben, hebben de kiezers er een onoverzichtelijk zootje van gemaakt. En dan nu kankeren op de politici omdat ze niet even snel een kabinetje in elkaar kunnen timmeren. 🖕(jv)

75.  Wierd Duk heeft weer een nieuwe niche ontdekt: de klimaathysterie

10 juni 2017 

In de Quote worden jaarlijks de rijkste types van ons land in volgorde van rijkdom geportretteerd. Je heb dan van die patjepeeërs die gaan protesteren tegen hun plaats in de rangschikking. Ze hebben nog veel meer geld dan waar Quote ze voor heeft ingeschat. Dus ze staan te laag. Of, even sneu, ze hebben veel minder dan die € 120 mln waarvoor ze zijn 'aangeslagen'. Zo erg rijk zijn ze dus echt niet. 

Hieraan moest ik denken toen ik de boze ingezonden brief van Wierd Duk donderdag j.l. in de Volkskrant las. Duk, tot voor drie jaar terug een onbekende journalist van het AD, was behoorlijk op zijn pik getrapt omdat hij door een andere erg rechtse rechtse rakker, Joshua Livestro, werd ingedeeld bij de groep 'gevaarlijk rechtse' Nederlanders. Maar Duk vindt zichzelf helemaal niet 'zo erg rechts'. 

Tsja, je moet het wel erg bont gemaakt hebben, wil je Livestro nog rechts kunnen passeren. Voor mij is alles wat zich rechts van de VVD bevindt 'eng rechts', maar de 'intellectueel' Livestro weet hier toch nog subtiele gradaties in engheid aan te brengen. Het illustere groepje Wilders, Baudet en dus ook Dukkie, worden door Livestro voorzien van o.a. de kwalificaties racistisch en xenofobisch. Zij maken het echte rechts z.i. te schande. Wierd pikte dit niet. Z'n verdediging in de Volkskrant deze week sloeg nergens op, zodat hij vooralsnog gewoon 'fout' blijft tot het tegendeel wordt bewezen. 

Deze Wierd melkt al een jaar of drie een interessante niche uit. De niche van de boze PVV-er. Elke keer weer die gelijkvormige verhaaltjes over verongelijkte, boze mensen. Mensen die slecht in hun vel zItten. De indruk worde altijd gewekt dat ze het slachtoffer zijn van een slechte overheid, die de vluchtelingen voortrdit en de gewone man links laat liggen. Maar als je even over die klaagzang heen kijkt, gaat het vaak over laagopgeleiden die door eigen onvermogen hun leven niet op orde hebben.  Ze hebben schulden gemaakt, drinken teveel, roken als ketters, zijn ongezond dik en zitten bijna altijd in een uitkeringssituatie. Het zijn types die het niet hebben kunnen maken in hun leven en daar de buitenlanders en "hullie daar in Den Haag" de schuld van geven.  Wierd, die altijd orakelt dat deze mensen geen stem krijgen,  zet hen via het  AD een megafoon voor, zodat hun getetter luid en duidelijk over komt

Maar hoezo: zij kregen geen stem? De afgelopen jaren zijn ze juist in grote getale overal  langs getrokken. Radio. TV. Kranten. Overal werd hun geklaag gehoord of verteld. Deze boze mensen moesten ook een plaatsje krijgen. Niet dat ze iets zinnigs te vertellen hadden, maar ze mochten lekker tegen de 'gevestigde orde' aanschoppen. Nou, dat luchtte vast op, maar wijzer werd je er nooit van.  Nooit begrepen waarom een groep die hooguit 13% van het electoraat  vertegenwoordigt (het aantal Wilders stemmers) zo ontiegelijk veel aandacht moest krijgen. Maar Wierd heeft zichzelf er goed mee in de picture kunnen spelen. Heeft zich nar het niveau van een 'bekende Nederlander' kunnen schrijven en lullen.

Nu 'de boze man' volledig is uitgemolken, moest Duk op zoek naar nieuwe niche in de markt van ontevreden kankeraars en obsessieve complotdenkers. Gevonden !!! Hij is nu zijn strijd begonnen tegen, wat hij noemt, de klimaathysterie. Wierd is gaan speuren naar types die niet geloven dat de opwarming van de aarde mede een gevolg is van menselijk handelen. 99% van de wetenschappers is van mening dat er een overweldigend bewijs is voor een oorzakelijke relatie tussen de uitstoot van CO2, opwarming en klimaatverstoring, maar Wierd heeft een paar bijzondere  lichten gevonden die van mening zijn dat dit echt onzin is. Zij weten zeker dat de 'klimaathysterie'  een complot is van progressieve wetenschappers, linkse politici en onwetende meelopers. 

Wierd gaat nu voor het AD in gesprek met klimaatsceptici die ons tot vervelens toe gaan vertellen dat al die klimaatonderzoeken niet deugen, dat we allemaal in de maling worden genomen en dat klimaatsceptici overal geboycot worden. Wij, het grote publiek, mogen het echte verhaal, de waarheid, niet horen. De elite heeft er teveel belang bij dat wij in het sprookje van een klimaatprobleem blijven geloven. Welk belang de elite er bij heeft om ons hier een rad voor de ogen te draaien, zullen we nooit van Wierd horen. 

Er zal ongetwijfeld een publiek zijn voor Duk en zijn complotdenkers. Elk volk heeft nu eenmaal minimaal 20% recalcitrante dombo's die per definitie nooit iets geloven dat van de overheid of de wetenschap komt. Dus wees gerust: met wetenschappelijke feiten zullen Duk cs ons niet lastig vallen. Ze hebben hun, even legitieme, 'eigen feiten'.  Wierd is een Trump-mannetje en samen staan zij  op de bres voor het eerlijke verhaal. Er zijn er maar weinig die dat verhaal durven te vertellen. 

De lezers van het AD zijn bevoorrecht met zo'n koene journalist, die tegen de stroom in durft te roeien. Ze zullen nog veel van 'm horen. (jv)

74. Warmte. Stilte. Ruige landschappen. Klimmen. Dalen. Relaxen

9 juni 2017

Villa Aliki is gedurende 14 dagen per jaar onze zonnige thuisbasis. Een complexje, gevormd door een paar behoorlijk luxe villa's. Het ligt tegen het Kretenzer kustplaatsje Mirtos aan, een dorpje met zo'n 300 inwoners, verborgen aan de zuidkust van het eiland, ver weg van het toerisme. Ongeveer 5 kwartier met de taxi vanaf Heraklion, dwars door het  Oros Dikti gebergte met toppen van boven de 2000 meter. 

Vanaf de terrassen voor 'ons huis', Bay View 3, kijken we uit op het dorpje en de Middellandse zee, ca 100 meter benden ons. Daar in Mirtos doen we boodschappen, zitten we op terrasjes, bezoeken we restaurantjes en duiken we in zee. Met onze rugzakken volgeladen is het een stevig tippeltje terug naar boven van ca 15 minuten. Een stijgingspercentage van rond de 20%. Normale mensen doen dit hier met de auto. Maar wij hebben geen auto. 

Vanuit Bay View 3 lopen we linksaf een sterk geaccidenteerd stenig gebied in. Het is de uitvalsbasis voor onze tochten. Je kunt hier elke dag een andere wandeltocht improviseren. Mijn favoriete route is Villa Aliki-Papadianna-Riza-Mournis-Villa Aliki. Een prachtig parcours langs smalle, keiige geitenpaadjes, met schitterende uitzichten op steeds weer een andere valley. Je loopt langs bergpassen, door olijfboomgaarden en over bergkammen. Na een half uur lopen kun je Papadianna, Riza en Mournis al zien liggen, hoog tegen de bergwand geplakt. De route er naar toe is er een van permanent stijgen of dalen, nergens een vlak stuk. Het houdt de kuitspieren strak. 

De afstand Villa Aliki - Pappadianna - Riza - Mournis - Villa Aliki is ca 12 km, maar ik had er zelfs in een stevig tempo zonder rustpauzes toch nog 3.5 uur voor nodig. Vooral door de lastige klimmetjes. De meest inspannende was het laatste stukje naar het bergdorpje Riza: 30 minuten gedaan over een afstand van nog geen 1000 meter. Een kuitenbijter die al meanderend stijl omhoog gaat. Op de laatste 200 meter was het behoorlijk ingewikkeld om het ene been nog voor het andere te krijgen. Lood in de poten leek het wel. De adem stokte in de keel. De longen deden even pijn. Het brein protesteerde bonkend. Maar boven, turend over de valley met in de verte de blauwe zee, verdwenen al die fysieke zeurdingetjes weer snel. Voldaan. Een "het is volbracht"-gevoel. 😁

Elke dag weer: urenlang lopen zonder iemand te zien. Het is een ervaring op zich. Nauwelijks mensen hier In dit ruige gebied. Een paar stokoude bejaarden hooguit, plus wat kakelende kippen en een blaffende hond. Kinderen en volwassenen in de productieve leeftijd hebben hier niets te zoeken. Geen werk. Geen scholen. Geen winkels Geen vertier. Niets. Alles in dit zinderende landschap ademt rust. Je wordt, al lopende, begeleid door een stilte die soms alleen wordt 'verstoord' door luide concerten van krekels. En door de belletjes en het klagende gemekker van geiten. Kuddes geiten.  Geiten in alle soorten, kleuren en maten. Grappige dieren ook. Virtuoze klauteraars die soepeltjes de stijle rotspartijen oprennen of afrauzen. Ongelofelijk dat ze zich niet verstappen of hun eng dunne pootjes breken. Een wonder is ook dat ze in deze dorre kaalheid nog voldoende voedsel weten te vinden. Ik zie alleen maar verdroogde struiken.

Mirtos/Villa Aliki e.o. is een oase voor lopers die een specifieke combinatie zoeken van stilte, warmte, ruige landschappen, mooie vergezichten, klimmen, dalen, zweten, afzien en relaxen. En elke dag steeds effe denken: jammer dat het maar 14 dagen duurt en in Groningen alles zo vlak is. (jv) 

73.  Wanneer is het lezen van kranten zinvol?

8 juni 2017

In de Volkskrant en de NRC staat dagelijks zoveel informatie dat je behoorlijk selectief en geconcentreerd moet lezen, willen in ieder geval de belangrijkste berichten ook indalen en voldoende beklijven. Oké, mensen met een fotografisch geheugen kunnen alles lezen en het dagen later ook nog reproduceren. Maar bij veel krantenlezers zakt het meeste wat ze gelezen hebben weer vrij snel naar de diepste kelders van het geheugen van waaruit het nooit meer tevoorschijn komt. Het vergiet-effect. Waarom lees je dan eigenlijk een krant? Zonde van de tijd lijkt me. 

Beter een paar zaken goed lezen en onthouden, dan alles spellen, waarna het in no time allemaal die bodemloze put in zakt. Zelf wil ik dat het lezen van kranten niet allen leuk, verrassend, opwindend en interessant blijft, maar ook enig rendement oplevert. Dus het moet inzichten opleveren waarmee je de relevante wereld beter begrijpt. Om dat rendement er ook uit te halen, deel ik de krantenartikelen, snel scannend, in drie categorieën in. 

Categorie I: de onderwerpen die ik echt belangrijk vindt. Die artikelen lees ik volledig, kritisch en geconcentreerd. Probeer ze in een bredere context te plaatsen en vast te houden. Het kan gaan om opmerkelijke feiten, analyses, columns, boeken of interviews met types die echt iets te vertellen hebben. Vooral met die columns moet je  hyperselectief zijn. We worden in bijna elke krant geteisterd door een ware wildgroei van columns. De meningenfabriek draait op volle toeren. Iedereen vindt overal wel iets van. Maar waarom moeten er zoveel van die meningen in een krant? Gelukkig is er maar een heel beperkt aantal columns dat echt vermakelijk of intelligent provocerend is, of waar je ook iets wijzer van wordt.

Categorie II:  grappige, verstrooiende of opmerkelijke ditjes en datjes over van alles en nog wat. Bv over sport, misdaad, muziek of human interest dingetjes. De belangrijke onbelangrijke dingen zeg maar. Meestal scan ik dit soort stukjes diagonaal en snel. Doe geen enkele moeite het te onthouden. In tegendeel. Maar om onverklaarbare redenen blijven toch heel wat van deze trivialiteiten behoorlijk lang in het geheugen hangen. Zoals, kan het nuttelozer, voetbaluitslagen. Dom brein. Wat kan de evolutionaire betekenis zijn van het tegen wil en dank onthouden van onnozele feitjes? 

Categorie III: artikelen waarvan ik direct aan de kop kan zien, dat ik ze kan overslaan. Dat gaat meestal automatisch, spontaan, zonder er over na te denken. In een split second. Het brein selecteert automatisch zonder dat JV er over hoeft na te denken of te beslissen. Toen ik er in het kader van dit stukje op ging letten, bleek dat ik de artikelen oversloeg met in de kop de volgende woorden: zaaddonor, crematie, panda's, kinderen, ouderen, moeders, mode, transgenders, de Toppers, bible belt, Luxemburg, personeelsbeleid, auto's, André Rieu, roken en vast nog heel veel meer.  Maar ik blijf meestal wel met het wat vage gevoel zitten dat ik nooit zal weten wat ik heb gemist. 

Rendement gericht lezen is dus vooral een mix van vluchtig scannen, scherp selecteren, overslaan, geconcentreerd lezen, duiden en slim opbergen. Vooral dat laatste is iets waarop je maar weinig invloed kan uitoefenen. Helaas. (jv) 

72. Hoe meer je je ergert, hoe korter je leeft. 

7 juni 2017 

Toen ze een setje werden, rookten ze beiden. Er werd wat afgepaft. Jaren lang. Op een zeker moment zag de een het licht en de ander pafte lekker door. En dan gebeurt het het voorspelbare. De stopper wordt ineens een predikant die weet wat goed is en wat fout en gaat vanuit die zekerheden de doorroker bewerken. Niet aflatend, als een permanente druppel op een steen. Voor de bestwil van de ander natuurlijk.

Het mechanisme is vergelijkbaar met de werkwijze van een zeloot die niet-gelovigen richting hemel probeert te loodsen. De voormalige roker ziet het ook als zijn of haar plicht om anderen van het roken af te helpen. Daarvoor wordt dan alles uit de kast gehaald. Controleren. Ontmaskeren. Snuiven. Zuigen. Zeiken. Dreinen. Preken. Zwijgen. Ruziën. Alles is in deze strijd geoorloofd. Het doel heiligt de middelen.

Maar de predikant is meestal geen hersenspecialist en kan zich moeilijk verplaatsen in de werking van andermans brein. De veronderstelling is ongetwijfeld dat de strijd gewonnen kan worden door iemand te blijven vermanen en ergeren. Gewoon 'uitroken' als het ware. Maar het effect is meestal nulkommanul. Nog erger: het doorsnee brein werkt zo dat al die aanvallen op het rookgedrag zoveel  ergernis  oproepen, dat de hakken steeds stijver in het zand worden gezet. Zo van: ik laat mij toch niet dwingen om mijn pleziertjes op te geven? En om het gevoel van ergernis kwijt te raken, spoort het brein aan om nog eens een rokertje extra op te steken. Tel uit je verlies.

Vooral de mantra's "ik maak me druk om jouw gezondheid" en "als je stopt dan leef je langer" werken doorgaans als een rode lap op een stier. Het zijn ook makkelijk te ontzenuwen drogreden. Als de zorg om iemands gezondheid je echt aan het hart gaat, stop dan direct met het controleren en het preken. Want dat leidt tot zoveel opwinding, ergernis en stress dat het degene die zich moet verbeteren jaren van zijn leven kost. Want hoe meer ergernis, hoe korter het leven. En het leven wordt er per saldo ook bepaald niet leuker door.   

Ook de predikant moet toch inzien dat elke poging tot gedragsverandering in dit soort cases contraproductief werkt. Maar toch gaat ie door. Zelfs als ie zich voorneemt er mee te stoppen en dat ook hardop zegt, gaat ie een dag later gewoon door. "Ja, mij hoor je er niet meer over. Je doet maar". Het is blijkbaar een niet te onderdrukken behoefte. De preek moet er op de een of andere manier uit.

Al dat in de gaten houden en vermanen werkt niet alleen slecht uit op degene die van een rokertje houdt, maar ook de predikant zelf leidt schade. Door zich zo te focussen op het slechte gedrag van de ander, vergeet de predikant vaak om zichzelf ook een beetje in de gaten te houden. Alle energie die z'n brein moet gebruiken om de ander te bewaken en berispen, gaat ten koste van het eigen levensplezier en van de eigen concentratie. Hij gaat zaken minder scherp zien en wordt vergeetachtig. En komt zo  sneller in de dementerende fase. 

Gelukkig heb ik zelf nooit gerookt. Althans niet 'over de longen'. Maar het is me wel opgevallen dat mensen pas met een ongezonde hobby's zoals roken, drinken, spuiten of snuiven minderen of stoppen als ze er zelf van overtuigd zijn dat de kosten-baten-analyse van stoppen per saldo positief uitpakt. En met de roker die voortdurend belaagd wordt, is het net als met slagroom: hoe harder er in gekopt wordt, hoe stijver het wordt. (jv) 

71. De vijand van mijn vijand is mijn vriend?

6 juni 2017 

Als je elke religie een anomalie vindt en een paskwil voor de samenleving en de mensheid......

Als je blij bent dat we ons in Nederland al vanaf de zestiger jaren verlost hebben van de religieuze dwingelandij van katholieken en protestanten.....

Als je niets moet hebben van haatzaaiende ophitsers die met hun verheerlijking van onze "Joods-Christelijke wortels" slechts 1 bedoeling hebben: de aanhangers van een specifieke religie buiten sluiten.....

Hoe moet je dan aankijken tegen het fenomeen van steeds meer ultra-conservatieve moslims in ons land en Europa? En vooral: wat moet je met die minderheid die er pre-middeleeuwse of zelfs jihadistische  opvattingen op na houdt? Dus opvattingen die zich slecht verdragen met onze rechtstaat, democratie en burgerlijke vrijheden. Dwingende opvattingen over gepaste kleding, muziek, films en boeken. Enge opvattingen over de (on-)gelijkwaardigheid van man en vrouw, anders geaarden en geloofsafvalligen. Allemaal opvattingen die haaks staan op westerse waarden en met geweld opgedrongen mogen worden. We moeten er niet blij mee zijn. Maar wat moet je er mee? 

Binnenshuis mag iedereen natuurlijk denken wat ie wil. Maar buitenhuis oproepen tot praktijken die niet sporen met de uitgangspunten van onze rechtstaat moet in de kiem worden gesmoord. Want anders wordt het ook hier een onleefbare chaos. Maar hoe meer types er onder de radar met dit soort praktijken bezig zijn, acties voorbereiden en hiervoor medestanders werven, hoe moeilijker het wordt om effectief en tijdig in te grijpen. Vooral ook omdat voorkomen moet worden dat onschuldigen het leven zuur wordt gemaakt en hele groepen gestigmatiseerd worden die er niets mee te maken hebben. Dan kweek je alleen maar nieuwe jihadsten.  

Lastig opereren dus voor politici, bestuurders, politie en veiligheidsdiensten. Je moet er in in ieder geval voor zorgen dat je een zo groot mogelijk deel van de moslimgemeenschap mee krijgt. Dat kan alleen door ze het gevoel te geven dat ze er over de hele linie bij horen. Dus discriminatie in het algemeen en op arbeidsmarkt in het bijzonder met wortel en tak uitroeien. En types als Wilders en Baudet de mond snoeren als ze weer eens voluit gaan om hele etnische groepen te beledigen, op te fokken en buiten de orde te plaatsen. De voorzichtigheid met deze heren en hun soortgenoten zou wel een tandje minder mogen. Uit die fluwelen handschoenen. Waar zijn de bokshandschoenen? 

Maar dit genoteerd hebbend: wat ging dat vroeger toch relaxed, dat afgeven op refo's en papen. In woord en geschrift kon gewoon gezegd worden dat ze niet deugden. Hun religieus geïnspireerde normen, waarden, gewoontes en gebruiken konden beledigd worden door schrijvers en komieken. De gristelijk religieuzen baalden natuurlijk dat ze vaak zo onhoffelijk werden aangepakt, maar er werd nooit met fysieke represailles gedreigd. Er werden geen strotjes doorgesneden, met vrachtwagens op mensen ingereden of bommen gelegd. Wat dat betreft zijn die jihadisten van nu toch 'anders' dan de papenhaters van vroeger. En ze hebben ook veel kortere lontjes. Ze eisen respect, maar kunnen dat zelf nooit voor andersdenkenden opbrengen.

Opvallend is, dat waar links Nederland in de zestiger en zeventiger jaren tekeer ging tegen de conservatieve kerk, ultra-rechts nu tekeer gaat tegen de conservatieve moskee. Links weet hierin vandaag de dag moeilijk positie te kiezen. De Islam is in bijna alles veel conservatiever dan de papen en refo's ooit waren, maar links hoor je hier (bijna) niet over. Angst? Veranderende opvattingen? Selectieve verontwaardiging? Etnische minderheden die al in de knel zitten, moet je het niet nog moeilijker maken? 

Waar is, als het om moslims gaat, die linkse strijdvaardigheid en het op de bres staan voor de individuele vrijheden, voor de vrouwenemancipatie en voor het recht om religies te bespotten, gebleven? Is links bang om te dicht in de buurt van Wilders cs te komen?

Op zich begrijpelijk. Als je leest of hoort op welke abjecte manier abjecte types in de sociale media en daarbuiten los gaan tegen iedereen met een moslimachtergrond, dan moet je je inderdaad niet mengen in dat koor van rancuneuze randdebielen. Maar iets meer specifieke kritiek van links op de gevaarlijke kanten van de Islam zou wel zo geloofwaardig zijn. En hulpvaardig in de richting van de (ex-) moslims die zich bedreigd voelen. Met alleen het adagium: "de vijand van mijn vijand is mijn vriend", kun je hier niet wegkomen. (jv)  

70.  Hoe om te gaan met statistieken? 

5 juni 2017

In het Zuid-Hollandse plaatsje Oudewater lag het geboortecijfer een aantal jaren ver boven het aantal kinderen dat daar doorgaans wordt verwekt. In diezelfde jaren nestelden zich daar ook tweemaal zoveel ooievaars. Wat betekent zo'n hoge statistische correlatie? Niets. Een hoge correlatie tussen twee of meer verschijnselen zegt pas iets  over een samenhang als er ook een aannemelijke theorie of redenering onder ligt. Maar niemand gelooft dat de aanwezigheid van meer ooievaars leidt tot meer kinderen. Beide verschijnselen hebben niets met elkaar te maken.  Zelfs in Oudewater, waar men nog steeds pronkt met een heksenwaag, zijn de meeste inwoners daar ongetwijfeld van overtuigd. 

Bij roken en longkanker ligt de samenhang wat gecompliceerder. Al geruime tijd lijkt er een stevig wetenschappelijk bewijs te zijn dat er een oorzaak-gevolg relatie is tussen roken en longkanker. Al denken heel wat rokers daar nog een tikkie genuanceerder over. Maar hoe sterkt is die relatie nu eigenlijk? Je kunt deze zaak vanuit twee invalshoeken aanvliegen. Rokers hebben de neiging om te benadrukken dat "slechts" 10 % van alle rokers longkanker krijgt. Wat klopt. Niet-rokers wijzen liever op het gegeven dat 90% van de mensen met longkanker heeft gerookt. Dat klopt ook.

Wat moeten we met deze cijfers? Hoeveel zorgen moeten rokers zich maken? Dat 90% van de mensen met longkanker heeft gerookt, is op zich nog geen bewijs dat longkanker het directe gevolg is van roken. Net zoals bij die ooievaars en geboorten kan er sprake zijn van twee verschijnselen die toevallige tegelijkertijd optreden. Er moet dus wel eerst bewezen kunnen worden dat roken/nicotine iets doet met onze cellen waardoor die als een gek gaan delen, wat uiteindelijk uitmondt in iets dat we kanker noemen. Daar lijkt inmiddels behoorlijk wat empirisch bewijs voor te zijn.

Maar dan nog: waarom vindt die kwaadaardige celdeling bij maar 10% van de rokers plaats? Heeft die andere 90% een zodanig ander genenpakket dat die rustig kunnen doorpaffen zonder kanker te krijgen? Ja blijkbaar. Die 10% heeft dus gewoon pech dat ze een aantal verkeerde genen hebben. 

Er zou dus een hele stap kunnen worden gemaakt als wetenschappers weten te achterhalen welke rokers 'verkeerde' genen hebben, d.w.z. genen die niet tegen nicotine kunnen. Als je dat weet dan kun je die 10% daarvoor waarschuwen en kan die 90% met nicotine-resistente genen blijven smoken zonder dat ze zich ongerust hoeven te maken.

Zolang de wetenschap nog niet zover is, is het misschien verstandiger dat iedereen die longkanker een nare ziekte vindt, de sigaret mijdt. Want een kans van 10% lijkt misschien weinig, maar moet toch ook weer niet worden gebagatelliseerd. De kans dat je met een vliegtuig neerstort, is nu 0.001 % . Bijna te verwaarlozen. Maar als die kans 10% zou zijn, gaan er toch een stuk minder mensen met het vliegtuig denk ik. En normale mensen vermijden ook de buurten waar ze 10% kans lopen om neergestoken te worden. 

Maar er zijn in ons land toch nog steeds miljoenen rokers die een kankerkans van 10% blijkbaar als een aanvaardbaar risico beschouwen. Dapper of dom? (jv)

69. Enkelbanden afschaffen? Boeven gewoon brommen?

3. juni 2017 

Het zijn de meest onvruchtbare discussies. Emoties versus feiten. De een voelt dat iets volstrekt verkeerd is of juist heel goed. De ander komt op basis van feiten, argumenten en redeneren tot een geheel tegenovergestelde opvatting. In die feiten is de ander dan weer helemaal niet geïnteresseerd. Hij heeft zijn eigen feiten: zijn gevoelens, nepfeiten of halve waarheden. Het is inmiddels een dominante trend geworden om beide groepen even serieus te nemen. Helaas. 

Neem de discussie over de enkelbanden. In de Telegraaf-achtige bladen werd uitgebreid verhaald over 'types' die met een enkelband thuis zitten i.p.v. in de gevangenis. Een aantal van hen had de enkelband doorgeknipt en was 'm gepeerd. De emotionelen vinden het al niet kunnen dat iemand met een enkelband thuis mag zitten i.p.v. in de gevangenis. Dat is immers toch geen straf? En het is dan toch logisch dat ze de meeste de benen nemen? Het is de kat op het spek binden. Een makkelijke manier om je straf te ontlopen. Dus: afschaffen die enkelbanden. Iedereen die iets verkeerds gedaan heeft, moet gewoon de gevangenis in. Het lijkt zo op het eerste gezicht geen onzin. Wie zich brand, moet op de blaren zitten.

Maar wat zijn de feiten als het gaat om de enkelband types? Om te beginnen is het handig om te weten dat maar 2% van hen zich het afgelopen jaar bevrijd heeft van die enkelband en het hazenpad heeft gekozen. De meesten  worden snel gepakt en moeten dan alsnog naar het gevang. Slechts een paar weten naar het buitenland te vluchten. Maar die staan dan direct bij Interpol geregistreerd als voortvluchtig en komen Turkije of Marokko, waar ze dan vaak naar toe gaan, niet meer uit. Dus erg aanlokkelijk is het niet.

Wie zijn die enkelbanders nu eigenlijk? In feite gaat het om twee categorieën. De eerste is de groep die verdacht wordt van een misdrijf maar nog niet is veroordeeld. Soms moeten ze een jaar wachten voor ze voor de rechter moeten verschijnen, terwijl nog niet zeker is of ze wel schuldig zijn. Als de rechter inschat dat ze geen gevaar voor de maatschappij vormen, kunnen ze in sommige gevallen thuis wachten tot hun rechtszaak voorkomt. Met een enkelband. 

Maar de meeste verdachten gaan nog steeds het huis van bewaring in: in voorlopige hechtenis. Raar eigenlijk. Je bent nog niet  veroordeeld, alleen nog maar verdacht, je wordt zo misschien gewoon vrijgesproken, maar je moet wel al familie en baan opgeven en naar de gevangenis. Onrechtvaardig. In Europa scoren wij het het hoogst als het gaat om het aantal verdachten in voorlopige hechtenis. In de meeste andere landen mag je gewoon thuis blijven tot je zaak voor komt en pas als je veroordeeld wordt, wordt je opgesloten. Met de enkelband thuis is dan een redelijk humane en veilige tussenoplossing. 

De tweede categorie met een enkelband zijn de boeven die hun straf bijna hebben uitgezeten en het laatste gedeelte thuis met een enkelband mogen afmaken. Om hen langzaam te laten wennen aan het normale leven. Lijkt me slimmer dan ze van de ene op de andere dag zonder overgangsperiode uit de gevangenis te gooien. Waarna ze het maar uit moeten zoeken. Dat gaat juist vaak mis.

Toch staat rechts Nederland weer op de achterste benen als er een paar enkelbanders het hazenpad kiezen. Ze willen dat "in de watten leggen van boeven" helemaal afschaffen. Punt. Ze weigeren om de voor- en nadelen van zo'n maatregel goed af te wegen. Dat vinden ze "soft gelul". Ze roepen om politici met ballen. (jv) 

68  Grootse daadkracht of met kleine stapjes doormodderen?

1 juni 2017

Op bijna  alle indicatoren die het welbevinden van mensen bepalen, scoort  ‘de wereld’ oneindig veel beter dan, pakweg, 50, 100 of 200 jaar geleden. Het menselijk lijden is sterk gereduceerd. Desondanks is er toch nog veel onrecht en menselijke ellende. Waarom pakken we dat dan niet voortvarend aan? We hebben er toch de middelen voor? Is het alleen een kwestie van groepsegoïsme en/of onvoldoende politieke wil? Het onvermogen om gezamenlijk grootse plannen op te stellen en uit te voeren? Of is het ook een kwestie ‘gebrek aan kennis’? Snappen we nog niet goed genoeg wat er precies ‘in het hele systeem’ gebeurt als we veranderingen in gang zetten? Want zijn de effecten van goed bedoelde acties niet zelden het tegenovergestelde van wat we beoogden?

Yuval Noah Harari legt in zijn laatste boek “Homo Deus” de complexe implicaties van kennisgroei uit. Nieuwe kennis leidt tot snellere economisch, sociale en politieke veranderingen. Maar om te snappen wat er echt gebeurt, gaan we nog sneller kennis vergaren, die alsmaar tot nog snellere en grotere veranderingen leidt.  

Als gevolg daarvan wordt het steeds moeilijker iets van het heden te snappen of voorspellingen te doen over de toekomst. Hebben we enig idee hoe Europa er in 2050 uit zal zien? Geen enkel benul. We weten alleen bijna zeker dat het er onvoorstelbaar anders uit zal zien. Dat geldt voor alle systemen. De economie. Hoe we bestuurd worden. De militaire en geo-poltieke verhoudingen. Het ecologisch systeem. De grondstoffenposities. De ontwrichtende effecten van migratiestromen. Black boxen. We kunnen niets zeggen over hoe we dan leven, met elkaar omgaan of er uit zien.

Harari: “Niemand heeft ook maar enig idee waar we zo keihard naar op weg zijn. En omdat niemand het systeem als geheel meer snapt, kan ook niemand het tegenhouden…..onze economie zal instorten als we desondanks de rem weten te vinden, en als onze economie instort, stort onze maatschappij ook in. Want de moderne economie heeft constante, eindeloze groei nodig om zichzelf in stand te houden. Als de econome ooit stilvalt, komt de economie niet tot een knus evenwicht, maar valt de boel uit elkaar” (blz 63)

Als bovenstaande waarnemingen kloppen, dan moeten we ons weinig illusies maken over het gericht sturen op het ‘verbeteren van wereld’ c.q. op het snel uitbannen van onrecht en lijden. Het zal al een hele opgave worden om de wereld leefbaar te houden op het huidige niveau. Maar dat is geen reden om maar wat aan te klooien of bij de pakken neer te zitten.

We halen Karl Popper even uit de kast voor wat wijze raad. Hij vond dat het denkende deel van de natie de plicht had tot optimisme. Blijven werken aan verbetering van de maatschappij was zijn devies. Niet via grootse blauwdrukken waarmee de mensheid snel gelukkig gemaakt kan worden. Dat zal altijd uitmonden in totalitaire dictaturen. Verbeteringen moeten, aldus Popper, plaatsvinden via kleine stapjes: ‘piecemeal social enginering’.

Popper gebruikte verder de term ‘muddling through om aan te geven hoe we tot nieuwe inzichten, innovatie of effectieve politieke besluiten komen. Doormodderen. Met vallen en opstaan iets bereiken. Via experimenten uitvogelen of iets werkt en dan opschalen. Het is vaak de enige weg. Wel vervelend voor de mensen die haast hebben. (jv) 

67 Onzinbanen schrappen, de zinnige banen eerlijk verdelen  en iedereen een basisinkomen?

31 mei 2017

Het stukje van Peter de Waard vanmorgen in de VK vond ik een eye-opener waarover je lekker een eind weg kunt filosoferen en fantaseren. Het gaat over ‘onzinbanen’. Hij voert hierbij de antropoloog David Greaber op die de term ‘bullshit-jobs’ muntte. Greaber betrok de stelling dat slecht ¼ van de banen in de westerse maatschappij goederen en diensten oplevert waar ook echt behoefte aan is; ¾ draagt daar niets aan bij: onzinbanen dus. 

Nu kun je lang steggelen over definitie van onzinbanen, over wat echt ‘maatschappelijk nuttig’ is en over de precieze aantallen onzinbanen, maar dat er heel veel banen niet nuttig zijn of alleen nuttig zijn om niet-nuttige functies goed uit te kunnen voeren, kan iedereen in zijn eigen omgeving zien. PdW geeft daar ook herkenbare voorbeelden van: juridische diensten, telemarketing, financiële diensten, pr, talloze beleids- en managementfuncties en alles wat hier aan administratieve ondersteuning onder hangt. En maar vergaderen, notities schrijven en e-mails versturen. Daarnaast is er een groep die de macht heeft om vraagstukken en organisaties zo complex te maken dat alleen zij weten hoe het geheel moet worden bestuurd. Die complexiteit leidt tot nog meer macht, hogere inkomens en afhankelijkheid van grote groepen. Maar wat dragen zij echt bij?

Zet hier tegenover al die banen die wel direct bijdragen aan het welzijn/de behoeften van mensen, zoals de banen die betrekking hebben op zorg, voedsel, huisvesting, kleding, plezier maken, onderwijs, rommel opruimen en mobiliteit. Direct, effectief en efficiënt produceren voor de afnemers van deze ‘producten’, daar gaat het om.

PdW haalt de conclusie van Greaber aan dat Keynes’ voorspelling uit 1930 inzake een 15-urige werkweek allang is gerealiseerd. Want over de hele linie wordt er allang gemiddeld (max) 15 uur per week zinvol werk gedaan. De rest heeft men opgevuld met bullshit jobs die niets bijdragen aan de behoeften van consumenten, maar louter zijn bedoeld om inkomens te genereren voor hen die in de sectoren met zinvolle banen geen emplooi kunnen vinden. Voor een groot deel niet meer dan een dure vorm van werkverschaffing. 

Een gedachten-experiment.

Stap 1. We skippen alle banen die direct of indirect niet bijdragen aan maatschappelijk nuttige goederen en diensten. Bv door er als overheid niet meer voor te betalen. Als consumenten er geld voor over hebben moeten zij dat weten.

Stap 2. De overgebleven banen verdelen we zo eerlijk mogelijk over de degenen die kunnen werken. Er moeten wel zoveel mogelijk mensen meedoen. Want het is fair dat in beginsel iedereen de lasten en lusten van een baan krijgt. Alleen maar niksen en consumeren is niet goed voor de mens. (Een moreel uitgangspunt). Maar het is ook niet eerlijk tegenover degenen die wel de lasten van een baan moeten dragen. (Een rechtvaardigheidsbeginsel)

Stap 3 Iedereen krijgt een basisinkomen dat in beginsel voldoende is om van te leven. In combinatie met de inkomsten uit een (zeg) 15-urige werkweek moet er toch nog behoorlijk geconsumeerd kunnen worden. Maar vooral: zou het nationale welbevinden niet enorm stijgen als iedereen alleen nog maar werk zou hoeven te doen dat evident 'maatschappelijk nuttig' is? (jv)